Vorige week was er op het NIOD weer de maandelijkse lunchlezing voor medewerkers. Dit keer vertelde Inger Schaap over haar boek Sluipmoordenaars : de Silbertanne-moorden in Nederland 1943-1944.
Sluipmoordenaars beschrijft de moorden, gepleegd door Nederlandse SS-ers en later Nederlandse Oostfrontveteranen, op onschuldige vooraanstaande burgers als vergelding voor aanslagen door het verzet. Er werd bij de slachtoffers aangebeld en die werden vervolgens al staand in hun deuropening neergeschoten, vaak voor de ogen van hun familieleden. Vandaar dat tijdens de lezing de term 'belletje-trek-moorden' boven kwam. De moorden hadden echter de codenaam 'Silbertanne Aktion'. Meer info over het boek vind je o.a. in de recensie op Go2War2.
Inger vertelde dat het boek, toen het verscheen in oktober 2010, één dag 'wereldnieuws' was. De media doken er bovenop. In die tijd speelde ook het proces tegen de Nederlandse SS-er en 'sluipmoordenaar' Heinrich Boere. Vandaar. De recensies waren goed. Als er kritiek was, richtte die zich op de onvolledigheid. Inmiddels is de tweede druk verschenen.
Voor het onderzoek is naast het materiaal bij het NIOD gebruik gemaakt van o.a. de dossiers in het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR) dat bij het Nationaal Archief in Den Haag berust. Ook is er gebruik gemaakt van oral history. In het boek is, via de kinderen van de slachtoffers en ooggetuigen. namelijk veel aandacht voor de slachtoffers (Ingers scriptie - aanwezig in de NIOD bibliotheek - over hetzelfde onderwerp richtte zich vooral op de daders). Tijdens de boekpresentatie in oktober bij het NIOD waren de nabestaanden aanwezig. Inger vertelde dat dat heel bijzonder was. Ook voor de families zelf om lotgenoten te ontmoeten.
Wat waren nou de opvallende dingen die uit het onderzoek kwamen? Dat er 28 aanslagen werden gepleegd door ca. vijftig daders (men opereerde met zijn tweeën). Dat er elf overlevenden waren en één daarvan zich meldde zich na de verschijning van het boek. Hij was destijds 18 jaar. Dat de aanslagen vaak gekenmerkt werden door de geniepige en amateuristische uitvoering en niet opgeëist werden. Dat de Sicherheitsdienst (SD) de motor achter de moorden was en niet de SS. Dat het waarschijnlijk een Nederlands verschijnsel was maar mogelijk misschien ook in Noorwegen en België plaats vond. Daar moet nog onderzoek naar gedaan worden.
De vraag drong zich op naar de overeenkomst met de zgn. Kopgeld-daders die op jodenjacht gingen voor zeven gulden vijftig per ingerekende jood. Net zo koelbloedig maar het geld vormde het verschil. Voor de Silbertanne moorden kreeg je geen geld maar werd een beroep gedaan op je solidariteitsgevoel. Niemand weigerde.

Geen opmerkingen:
Een reactie plaatsen